ECLI:NL:HR:2015:1459
Hoge Raad · 02-06-2015 · zaaknummer 13/04981
Inhoudsindicatie
Vordering b.p. Het Hof heeft geoordeeld dat verdachte tot vergoeding van €110,- aan de b.p. is gehouden v.zv. het bedrag niet reeds aan haar is teruggegeven. Gelet daarop moet worden aangenomen dat het Hof als gevolg van een kennelijke vergissing in zijn beslissing niet heeft vermeld dat de vordering van de b.p., vermeerderd met de wettelijke rente, wordt toegewezen en de schadevergoedingsmaatregel wordt opgelegd tot een bedrag van €110,-, v.zv. dat bedrag niet reeds is teruggegeven aan de b.p. De HR leest de beslissing van het Hof daarom in zoverre verbeterd en voegt daaraan het volgende toe. De beslissing van het Hof houdt in dat indien gevolg is gegeven aan de gegeven last tot teruggave aan de b.p. van het inbeslaggenomen geldbedrag van €110,-, zowel de verplichting tot schadevergoeding aan de b.p. als de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat zijn komen te vervallen.
Advocaten
- A.J. Machielse
- F. Visser
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
