ECLI:NL:HR:2014:683
Hoge Raad · 28-03-2014 · zaaknummer 12/03718
Inhoudsindicatie
Artikel 267 VWEU. Cilfit-criteria; Artikel 7, lid 2, letter a, Vo. 1408/71. Artikel 4, lid 3, VEU. Prejudiciële vragen n.a.v. uitspraak Gerechtshof ’s Hertogenbosch (ECLI:NL:GHSHE:2014:248). Moet de Hoge Raad in een prejudiciële vraag gesteld door een lagere nationale rechter aanleiding zien om een prejudiciële vraag aan het HvJ voor te leggen of de beantwoording van die door de lagere nationale rechter gestelde vraag af te wachten, ook indien hij van oordeel is dat sprake is van een ‘acte clair’? Betekenis E101-verklaring voor een rijnvarende.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
