ECLI:NL:HR:2014:380
Hoge Raad · 18-02-2014 · zaaknummer 13/02083
Inhoudsindicatie
Medeplegen van (poging tot) afdreiging. Klachtvereiste a.b.i. art. 318.2 (oud) Sr. De klacht bestaat ex art. 164.1 Sv uit een aangifte met verzoek tot vervolging. De HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit ECLI:NL:HR:1994:ZC8448. Het Hof heeft geoordeeld dat is voldaan aan het klachtvereiste a.b.i. art. 318.2 (oud) Sr, nu ttz. onmiskenbaar is komen vast te staan dat de aangevers met het doen van aangifte de bedoeling hadden dat verdachte vervolgd zou worden. Dat oordeel getuigt niet van een onjuiste rechtsopvatting en is in het licht van de verklaringen van de aangevers niet onbegrijpelijk.
Advocaten
- B.P. de Boer
- J. Wortel
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
