ECLI:NL:HR:2014:3631
Hoge Raad · 16-12-2014 · zaaknummer 14/00341
Inhoudsindicatie
Opzetheling, art. 416 Sr. Slagende bewijsklacht. In aanmerking genomen dat het Hof, “in het midden latend wie de ringen in de tas heeft gestopt”, de mogelijkheid heeft opengelaten dat de in verdachtes tas aangetroffen ringen door een ander dan verdachte in de tas zijn gestopt en mede gelet op het gevoerde verweer, is ’s Hofs oordeel dat niet aannemelijk is dat verdachte niet wist van de aanwezigheid van de ringen in zijn tas niet zonder meer begrijpelijk. Dat brengt mee dat de bewezenverklaring ontoereikend is gemotiveerd.
Advocaten
- D.J.C. Aben
- M.J. Lamers
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
