ECLI:NL:HR:2014:3545
Hoge Raad · 09-12-2014 · zaaknummer 14/03561
Inhoudsindicatie
Ongegronde herzieningsaanvraag. In de aanvraag wordt aangevoerd dat het onderzoek van de zaak zou hebben geleid tot vrijspraak indien het Hof bekend zou zijn geweest met de bij de aanvraag gevoegde, tegenover de politie afgelegde verklaring van X van 22 juli 2009. Deze verklaring houdt - kort samengevat - in dat X terugkomt op een passage in zijn eerdere tot het bewijs gebezigde verklaring van 27 februari 2004. Uit ’s Hofs overwegingen kan worden afgeleid dat het Hof de betrokkenheid van de aanvrager bij het strafbare feit niet uitsluitend heeft doen steunen op de herkenning van de aanvrager door X, maar tevens op andere gebezigde bewijsmiddelen, waaronder meer i.h.b. de voor het bewijs gebezigde verklaringen van anderen dan X. Aan het aangevoerde kan derhalve, mede gelet op hetgeen het Hof in zijn bewijsvoering heeft vastgesteld, niet het ernstig vermoeden worden ontleend dat het Hof de aanvrager zou hebben vrijgesproken als het daarmee bekend was geweest.
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
