ECLI:NL:HR:2014:3057
Hoge Raad · 28-10-2014 · zaaknummer 13/02341
Inhoudsindicatie
Roekeloosheid, art. 307.2 Sr. HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit ECLI:NL:HR:2013:960 m.b.t. de in art. 175.2 aanhef en onder a WVW 1994 voorkomende schuldvorm roekeloosheid. Het Hof heeft zijn oordeel dat i.c. sprake is van roekeloosheid uitsluitend doen steunen op zijn samenvattende vaststelling “dat de verdachte met een wapen dat hij niet kende, zonder zich er deugdelijk van te vergewissen dat het wapen niet was doorgeladen, heeft gericht op het hoofd van het slachtoffer en vervolgens de trekker van het vuurwapen heeft overgehaald”. Die samenvattende vaststelling is niet z.m. begrijpelijk in het licht van hetgeen het Hof omtrent de feitelijke toedracht heeft vastgesteld.
Advocaten
- E.R. Weening
- T.N.B.M. Spronken
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
