ECLI:NL:HR:2014:3042
Hoge Raad · 28-10-2014 · zaaknummer 13/01582
Inhoudsindicatie
Verstekverlening ten onrechte?. Uit de vermelde stukken – aan de herkomst en betrouwbaarheid waarvan in redelijkheid niet kan worden getwijfeld – moet worden afgeleid dat verdachte ten tijde van de behandeling van zijn zaak in h.b. i.v.m. een andere zaak was gedetineerd, zodat ’s Hofs oordeel om tegen verdachte verstek te verlenen en het onderzoek ttz. voort te zetten, achteraf bezien onjuist was. Gelet op het belang van verdachte om bij de behandeling van zijn zaak aanwezig te zijn brengt het vorenoverwogene mee dat verdachte de mogelijkheid dient te hebben om zijn zaak alsnog in h.b. in zijn tegenwoordigheid te doen behandelen.
Advocaten
- P.C. Vegter
- R.J.M. Oerlemans
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
