ECLI:NL:HR:2014:1589
Hoge Raad · 01-07-2014 · zaaknummer 13/01954
Inhoudsindicatie
Verstekverlening. ’s Hofs kennelijke oordeel dat de vermelding van het kantooradres van de raadsman van de verdachte in de brief van de raadsman (schriftelijke volmacht) niet kan gelden als de opgave van een adres i.d.z.v. art. 588a.1.c Sv geeft niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is niet onbegrijpelijk. Daarbij wordt in aanmerking genomen dat voormelde brief – in strijd met art. 450 Sv – niets inhoudt omtrent de instemming van verdachte met het door de griffiemedewerker aanstonds in ontvangst nemen van de oproeping noch omtrent een adres van verdachte voor de ontvangst van een afschrift van de dagvaarding.
Advocaten
- A.J. Machielse
- M.M. Kuyp
- W.H. Jebbink
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
