ECLI:NL:HR:2013:BZ3623
Hoge Raad · 12-03-2013 · zaaknummer 11/01747
Inhoudsindicatie
Slagende betekeningsklacht. Behandeling bij verstek. Afschrift van de oproeping niet verzonden aan het in de verklaring a.b.i. art. 451a.1 Sv opgegeven adres. Uit de omstandigheid dat verdachte nadien op een (ander) GBA-adres bleek te zijn ingeschreven kon het Hof niet zonder meer afleiden dat verdachte het in de verklaring a.b.i. art. 451a.1 Sv opgegeven adres niet wenste te handhaven als adres waar hij een afschrift van de oproeping wenste te ontvangen. Niet blijkt dat het Hof heeft onderzocht of er reden was het onderzoek ttz. te schorsen teneinde de verdachte in de gelegenheid te stellen alsnog bij het onderzoek op de tz. tegenwoordig te zijn. Dit leidt tot nietigheid van het onderzoek ttz. en de naar aanleiding daarvan gegeven uitspraak. (vgl. HR NJ 2012/695). Conclusie AG: anders.
Advocaten
- J.C. Oudijk
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
