ECLI:NL:HR:2013:774
Hoge Raad · 24-09-2013 · zaaknummer 11/04546 J
Inhoudsindicatie
Jeugdzaak. Art. 6 EVRM. Ondervragingsrecht, steunbewijs. Afwijzen getuigeverzoek.HR herhaalt toepasselijke overwegingen uit HR ECLI BX5539 m.b.t. het gebruik van een niet ttz. afgelegde en voor verdachte belastende verklaring indien de verdediging niet in enig stadium van het geding de gelegenheid heeft gehad om een dergelijke verklaring op haar betrouwbaarheid te toetsen en aan te vechten door de persoon die de verklaring heeft afgelegd als getuige te (doen) ondervragen. Het Hof heeft in strijd met art. 6.1 en 6.3.ahf.d EVRM het ambtsedig p-v van de verbalisant voor het bewijs gebezigd. De klacht is gegrond. In het licht van hetgeen aan het verzoek van de rm om de verbalisant op te roepen teneinde hem als getuige de (doen) horen, ten grondslag is gelegd, is het oordeel van het Hof dat de noodzaak tot het oproepen van de getuige niet is gebleken, niet zonder meer begrijpelijk.
Advocaten
- J. Kelder
- W.H. Vellinga
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
