ECLI:NL:HR:2013:15
Hoge Raad · 25-06-2013 · zaaknummer 12/03531
Inhoudsindicatie
Intrekken h.b. na aanvang van de behandeling in h.b. HR herhaalt HR LJN BP2709. Het stond het Hof vrij om geen toepassing te geven aan art. 416.2 Sv op grond dat het Hof niet uitsloot dat het t.a.v. verdachte tot een andere beslissing zou komen dan de Rb. In het midden kan blijven of HR LJN ZC9463 steun biedt aan het bestaan van een algemene regel voor zaken waarop de Wet stroomlijnen hoger beroep nog niet van toepassing was, inhoudende dat verdachte en OvJ ook nadat de zaak is uitgeroepen bevoegd zijn het h.b. in te trekken, mits de inhoudelijke behandeling van de zaak nog niet is aangevangen, nu na de invoering van die wet aan een dergelijke voorziening geen behoefte meer bestaat. Art. 416 Sv biedt immers de appelrechter thans de mogelijkheid om in geval een wens tot “intrekking” van het h.b. wordt geuit na aanvang van de behandeling in h.b., de n-o van het h.b. uit te spreken.
Advocaten
- D.J.C. Aben
- M.K. Bhadai
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
