ECLI:NL:HR:2012:BV6665
Hoge Raad · 27-03-2012 · zaaknummer 10/05215
Inhoudsindicatie
OM-cassatie. Art 184.1 Sr eist een “krachtens wettelijk voorschrift” gedane vordering. Een dergelijk voorschrift moet uitdrukkelijk inhouden dat de betrokken ambtenaar gerechtigd is tot het doen van een vordering (vgl. HR LJN BB4108). De tenlastelegging houdt in dat de vordering van de daar genoemde agenten aan de verdachte om te vertrekken, is gedaan krachtens art. 7 van de APV Tilburg. In aanmerking genomen dat deze bepaling niet uitdrukkelijk inhoudt dat de politieambtenaar is gerechtigd tot het doen van een vordering als waarvan te dezen sprake is, geeft ’s Hofs oordeel dat de vordering niet “krachtens wettelijk voorschrift” is gedaan, niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
