ECLI:NL:HR:2012:BV2026
Hoge Raad · 27-01-2012 · zaaknummer 11/05087
Inhoudsindicatie
Bopz. Vraag of in art. 5 lid 1 Wet Bopz bedoelde verklaring mag berusten op door geneesheer-directeur zelf verricht onderzoek van betrokkene indien het gaat om een geneesheer-directeur die geen psychiater is. Wetsgeschiedenis biedt geen duidelijke aanknopingspunten voor beantwoording van deze vraag. In samenhang met art. 5 lid 1, aanhef en onder b, brengt redelijke wetsuitleg mee dat geneesheer-directeur bevoegd moet zijn om titel van psychiater of zenuwarts te voeren, wil hij - zoals voorzien in art. 5 lid 1, onder a, - zijn verklaring kunnen baseren op eigen onderzoek. Niet aan rechter maar aan wetgever te bepalen of en zo ja in welke gevallen ook andere artsen dan psychiaters voor toepassing Wet Bopz kunnen gelden als “medical expert” in de zin van EHRM 5 oktober 2000, LJN AS7846 (Varbanov/Bulgarije).
Advocaten
- F.F. Langemeijer
- G.E.M. Later
- M.M. van Asperen
Partijen
DE OFFICIER VAN JUSTITIE IN HET ARRONDISSEMENT 'S-GRAVENHAGE
verweerder · onbekend
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
