ECLI:NL:HR:2012:BT2518
Hoge Raad · 17-01-2012 · zaaknummer 09/05165
Inhoudsindicatie
Afwijzing getuigenverzoek. Het Hof heeft het beroep op de onrechtmatige aanhouding van de verdachte, dat is gedaan ter onderbouwing van het verzoek dienaangaande getuigen te doen horen, verstaan als een beroep op een vormverzuim dat betrekking heeft op een bevel inzake de toepassing van een vrijheidsbenemend dwangmiddel. Daarvan uitgaande heeft het Hof beslist dat en waarom het beroep op dat verzuim niet meer aan de orde kon komen op de terechtzitting en het verzoek tot het horen van de getuigen afgewezen. Het door de raadsvrouwe aangevoerde kan echter bezwaarlijk anders worden verstaan dan als behelzende het verweer dat haar cliënt ten onrechte als verdachte is aangemerkt dat daarom het bij en als gevolg van die aanhouding vergaarde bewijsmateriaal als onrechtmatig verkregen diende te worden uitgesloten van de bewijsvoering. In aanmerking genomen dat zo een verweer niet afstuit op hetgeen in HR LJN AM2533, NJ 2004/376, rov. 3.4.2 is overwogen omtrent vormverzuimen die betrekking hebben op bevelen inzake de toepassing van vrijheidsbenemende dwangmiddelen, en dat het door de raadsvrouwe gedane verzoek klaarblijkelijk ertoe strekte de opgegeven getuigen omtrent dat verweer te doen horen, is ’s Hofs afwijzing van dat verzoek niet begrijpelijk.
Advocaten
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
