ECLI:NL:HR:2011:BQ3652
Hoge Raad · 14-06-2011 · zaaknummer 09/04069
Inhoudsindicatie
Het Hof heeft het standpunt van de verdediging dat uit het p-v van bevindingen van 16 november 2007 niet blijkt dat de opsporingsambtenaren een bevel i.d.z.v. art. 163.2. WVW aan verdachte hebben gegeven niet aanvaard, en overwogen dat van een dergelijk bevel uit het proces-verbaal van 19 december 2007 blijkt. Gelet op de aan de feitenrechter voorbehouden vrije selectie en waardering van het bewijsmateriaal en in aanmerking genomen dat door de rm ttz in h.b. slechts de onbruikbaarheid voor het bewijs van een door het Hof niet tot het bewijs gebezigd p-v naar voren is gebracht, was het Hof, ook in het licht van art. 359.2 Sv, niet gehouden dat oordeel nader te motiveren.
Advocaten
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
