ECLI:NL:HR:2011:BQ2494
Hoge Raad · 04-10-2011 · zaaknummer 10/03588 H
Inhoudsindicatie
Herziening. De inhoud van de bij de aanvrage gevoegde stukken geeft steun aan de stelling waarop de aanvrage berust, te weten dat de aanvrager minderjarig was ten tijde van het begaan van het bewezenverklaarde feit. Een en ander levert het ernstig vermoeden op dat de Politierechter, ware deze met die omstandigheid bekend geweest, de “Bijzondere bepalingen voor jeugdige personen”, zijnde “een minder zware strafbepaling” in de zin van art. 457.1 aanhef en onder 2° Sv zou hebben toegepast. De HR verklaart de aanvrage tot herziening gegrond.
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
