ECLI:NL:HR:2010:BL7697
Hoge Raad · 08-06-2010 · zaaknummer 08/03667
Inhoudsindicatie
1. Begin redelijke termijn. 2. Overschrijding redelijke termijn. Ad. 1 ’s Hofs oordeel dat als beginpunt van de redelijke termijn de dag dat verdachte inverzekering is gesteld moet gelden en niet de dag dat i.h.k.v. een Duits rechtshulpverzoek een doorzoeking heeft plaatsgevonden, is onjuist noch onbegrijpelijk. Ad 2. ’s Hofs oordeel dat i.c. geen sprake was van een overschrijding van de redelijke termijn, geeft blijk van een onjuiste rechtsopvatting in aanmerking genomen dat in e.a. en in h.b. telkens meer dan 2 jr zijn verstreken en het Hof niets heeft vastgesteld omtrent omstandigheden die die overschrijding zouden kunnen rechtvaardigen. De HR doet de zaak om doelmatigheidsredenen zelf af en vermindert de opgelegde gevangenisstraf.
Advocaten
- S.G.M. Goedvriend
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
