ECLI:NL:HR:2007:BA5041
Hoge Raad · 03-07-2007 · zaaknummer 03399/05
Inhoudsindicatie
1. Intrekking hoger beroep. 2. Strafvermindering ivm overschrijding redelijke termijn. Ad 1. Nu aan de herkomst en betrouwbaarheid van de kopie van de akte van intrekking hoger beroep in redelijkheid niet kan worden getwijfeld en ook overigens niet blijkt van enige bijzondere omstandigheid waaraan redelijkerwijs een vermoeden zou kunnen worden ontleend, dat die akte niet kan gelden als intrekking van het hoger beroep i.d.z.v. art. 453.1 Sv, moet het – uitsluitend namens verdachte ingestelde – hoger beroep als ingetrokken worden beschouwd. Gelet daarop is het oordeel van het Hof dat deze zaak op een bestaand hoger beroep diende te worden behandeld niet begrijpelijk. De HR doet de zaak om doelmatigheidsredenen zelf af en verstaat dat het hoger beroep is ingetrokken. Ad 2. Dat het door verdachte ingestelde hoger beroep als ingetrokken moet worden aangemerkt brengt mee dat het vonnis van de Pr, waartegen dit hoger beroep was ingesteld – in zijn geheel, dus met inbegrip van de strafoplegging – onherroepelijk is, zodat voor klachten in cassatie die strekken tot vermindering van de bij dat vonnis opgelegde straf geen plaats kan zijn.
Advocaten
- F.J. Donze
- J. Boksem
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
