ECLI:NL:HR:2007:BA3598
Hoge Raad · 19-06-2007 · zaaknummer 01401/06
StrafrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn
Inhoudsindicatie
De opvatting in het middel, dat een bedreiging via de e-mail niet zonder meer een schriftelijke bedreiging a.b.i. art. 285.2 Sr oplevert, is onjuist. Beslissend is of de bedreiging de geadresseerde in leesbare vorm bereikt, ongeacht de wijze van overbrenging.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
