ECLI:NL:HR:2007:BA1767
Hoge Raad · 29-05-2007 · zaaknummer 03526/05
Inhoudsindicatie
Het hof heeft het door de raadsman verwoorde beroep op noodweer opgevat als betrekking hebbend op een andere gebeurtenis dan waarop het bewezenverklaarde feit ziet. Die uitleg is evenwel in het licht van de door verdachte, mede n.a.v. hetgeen hem door de voorzitter van het hof is voorgehouden, afgelegde verklaring, welke onder meer inhoudt dat hij maar eenmaal de arm van het slachtoffer op haar rug heeft gedraaid, en wel in het voorjaar van 2003 niet zonder meer begrijpelijk. Het hof heeft immers bij zijn uitleg niet kenbaar betrokken dat de voor de hand liggende mogelijkheid dat de raadsman, die eenzelfde voorval met dezelfde details beschrijft als waarover verdachte heeft verklaard, zich in het jaartal heeft vergist (2002) en met zijn betoog de door verdachte bedoelde en bewezenverklaarde mishandeling in februari 2003 op het oog had. Het hof had op dit verweer bepaaldelijk een met redenen omklede beslissing moeten geven.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
