ECLI:NL:HR:2006:AY7790
Hoge Raad · 31-10-2006 · zaaknummer 02857/05 E
Inhoudsindicatie
1. Vordering ex art. 5:17 Awb door ambtenaar Keuringsdienst van Waren. 2. Opsporingsbevoegdheid buitengewoon opsporingsambtenaar ex Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar Voedsel en Warenautoriteit 2002. Ad 1. HR verwijst naar conclusie van de AG inhoudend dat niet slechts de Rijksdienst voor de Keuring van Vee en Vlees bevoegd was tot toezicht op slachterijen die werken met gespecificeerd hoog risicomateriaal maar dat (ook) de Keuringsdienst voor Waren bevoegd was o.g.v. de Destructiewet. Ad 2. X was o.g.v. art. 2 van voormeld Besluit als buitengewoon opsporingsambtenaar aangewezen. ’s Hofs oordeel dat hij in die hoedanigheid bevoegd was p-v op te maken t.z.v. het misdrijf van art. 184 Sr is gelet op art. 3.1 van genoemd besluit (waarin de opsporingsbevoegdheid tot bepaalde strafbare feiten is beperkt) onjuist. Het p-v kan daarom niet worden aangemerkt als een p-v ex art. 344.1.2° Sv. Het heeft te gelden als een ander geschrift ex art. 344.1.5° Sv dat alleen i.v.m. de inhoud van andere bewijsmiddelen voor het bewijs mag worden gebruikt, i.c. de ter terechtzitting afgelegde verklaring van verdachte.
Advocaten
- E.A. Geertsma
- P. Garretsen
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
