ECLI:NL:HR:2006:AY0198
Hoge Raad · 26-09-2006 · zaaknummer 03489/05 B
Inhoudsindicatie
Art. 552f Sv. Onttrekking aan verkeer van benodigdheden hennepkwekerij. CAG: 1. Op 552f Sv procedure is art. 6 EVRM van toepassing (HR NJ 1988, 453). Schending redelijke termijn kan in zo’n procedure niet tot niet-ontvankelijkheid van het OM leiden, wel kan ex art. 36b.2 jo 33c.2 en 3 Sr een geldelijke tegemoetkoming worden toegekend (HR NJ 1994, 489). Aannemelijk moet dan zijn dat dit nodig is om te voorkomen dat belanghebbende door de onredelijke duur van de berechting onevenredig wordt getroffen. 2. Oordeel rb dat belanghebbende van duur procedure (3 jaar en 8 maanden) geen nadeel heeft ondervonden en dat geen compensatie wordt toegekend kan in cassatie slechts op begrijpelijkheid worden getoetst en is niet onbegrijpelijk. Waardevermindering is geen nadeel nu het gaat om voorwerpen die niet in het verkeer mogen terugkeren. 3.Verweer: inbeslaggenomen voorwerpen legaal verkrijgbaar. Oordeel rb dat gezamenlijkheid voorwerpen die is gebruikt voor het kweken van hennepplanten vatbaar is voor o.a.v. omdat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd met de wet of het algemeen belang is onjuist noch onbegrijpelijk. 4. De omstandigheid dat aan het beslag een einde is gekomen door vernietiging staat er niet aan in de weg dat bij afzonderlijke rechterlijke beschikking op vordering van het OM de o.a.v. wordt uitgesproken. In dat geval strekt die vordering ertoe te doen vaststellen of de voorwerpen zich lenen voor o.a.v.(HR NJ 2006, 64).
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
