ECLI:NL:HR:2006:AX9215
Hoge Raad · 19-09-2006 · zaaknummer 02350/05
Inhoudsindicatie
Feitelijke betekenis “seksuele handelingen” in tenlastelegging ex art. 250a.1.1 (oud) Sr. Voor strafbaarheid van de in art. 250a.1.1 (oud) Sr bedoelde exploitatie van prostitutie, is niet vereist dat daadwerkelijk enige seksuele handeling is verricht. Bepalend is dat het slachtoffer zich onder dwang of beïnvloeding daarvoor beschikbaar heeft gesteld. In de op dit art. toegesneden tenlastelegging komt aan de woorden “seksuele handelingen” dan ook voldoende feitelijke betekenis toe, zodat die tenlastelegging ook zonder nadere uitwerking van dat begrip aan art. 261 Sv voldoet.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
