ECLI:NL:HR:2006:AX8295
Hoge Raad · 06-10-2006 · zaaknummer R05/137HR
Inhoudsindicatie
Faillissementsrecht. Geschil tussen een curator en een bank over het door de rechter-commissaris afgewezen verzoek van de zijde van de bank als belanghebbende derde een door hem gehouden getuigenverhoor bij te wonen; ontvankelijkheid in hoger beroep, alle beslissingen van de rechter-commissaris op grond van art. 66 F. – met uitzondering van preparatoire beslissingen – zijn aan te merken als beschikking in de zin van art. 67 F., recht van hoger beroep; regels voor voorlopig getuigenverhoor (art. 186 Rv.) zijn ter bescherming van fundamenteel processuele rechten van derden niet van overeenkomstige toepassing op een getuigenverhoor ex art. 66 F.; verhoor ter openbare zitting?; toepasselijkheid van art. 6 EVRM; HR doet zelf de zaak af.
Advocaten
- E.M. Wesseling-van Gent
- K.G.W. van Oven
- Mr. J.L.M. ARTS
- N.V. Ebcon Holding
- P.J.M. von Schmidt
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
