ECLI:NL:HR:2006:AW3560
Hoge Raad · 13-06-2006 · zaaknummer 01554/05
Inhoudsindicatie
1. Openlijk ex art. 141.1 Sr. 2. Art. 359.2 Sv. Ad 1. Van “openlijk” geweld ex art. 141.1 Sr is sprake bij geweld dat zich door onverholen, niet-heimelijk bedreven daden heeft geopenbaard, zodat daardoor de openbare orde is aangerand, zonder dat evenwel is vereist dat ten tijde en ter plaatse van het plegen van het geweld publiek aanwezig was (HR NJ 1979, 618). Ad 2. In de bewezenverklaring ligt ’s hofs oordeel besloten dat openlijk geweld is gepleegd. Dit oordeel geeft geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting gelet op de omstandigheid dat uit de bewijsmiddelen volgt dat de geweldpleging plaatsvond in het voor het publiek toegankelijk gedeelte van een café. Mede in aanmerking genomen dat in het recht geen steun is te vinden voor de aan het middel en het verweer ten grondslag liggende opvatting dat van openlijke geweldpleging ex art. 141.1 Sr geen sprake kan zijn op de grond dat er feitelijk “geen vrije toegang en geen zicht op wat er binnen gebeurde” bestond, behoefde 's hofs oordeel geen nadere motivering, ook niet in het licht van art. 359.2 Sv (HR LJN AU9130).
Advocaten
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
