ECLI:NL:HR:2006:AV3373
Hoge Raad · 30-06-2006 · zaaknummer C05/066HR
Civiel rechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn
Inhoudsindicatie
Procesrecht. Geschil tussen voormalige echtelieden naar aanleiding van de verdeling van de ontbonden huwelijksgemeenschap overeenkomstig een echtscheidingsconvenant. Cassatieberoep van de vrouw niet-ontvankelijk wegens berusting (art. 400 Rv.) nu zij na ’s hofs uitspraak een houding heeft aangenomen waaruit ondubbelzinnig blijkt dat zij zich daarbij heeft neergelegd.
Advocaten
- E.M. Wesseling-van Gent
- J. van Duijvendijk-Brand
- J.A. Smits
- R.T.R.F. Carli
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
