ECLI:NL:HR:2005:AT6061
Hoge Raad · 23-08-2005 · zaaknummer 03356/04
Inhoudsindicatie
Meer- en Vaartverweer. Het hof heeft de juistheid van het met de gebezigde bewijsmiddelen niet strijdige verweer in het midden gelaten, waardoor de met de bewezenverklaring onverenigbare mogelijkheid is opengebleven dat de cocaïne t.t.v. de bewezenverklaarde gedragingen reeds in beslag was genomen en dat het desbetreffende pakket t.t.v. de bewezenverklaarde - op het verdere vervoer, de aflevering en/of de ontvangst van die cocaïne gerichte - handelingen geen cocaïne meer bevatte (HR NJ 1998, 515). De bewezenverklaring is dus niet naar de eis der wet met redenen omkleed.
Advocaten
- G.A. Jansen
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
