ECLI:NL:HR:2005:AS9225
Hoge Raad · 19-04-2005 · zaaknummer 01603/04
Inhoudsindicatie
De wetgever heeft buiten het zich hier niet voordoende geval van art. 51a.2 Sv niet de mogelijkheid willen openen dat i.g.v. overlijden van het slachtoffer de erfgenamen zich op de voet van art. 51a.1 Sv in het strafproces voegen ter zake van door het slachtoffer geleden schade. Die schade is dus door de wetgever v.w.b. die erfgenamen niet als rechtstreekse schade ex art 51 Sv beschouwd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
