ECLI:NL:HR:2005:AS8469
Hoge Raad · 12-04-2005 · zaaknummer 01816/04
Inhoudsindicatie
Noodweerexces. In ’s hofs overwegingen ligt als zijn niet onbegrijpelijke oordeel besloten dat niet aannemelijk is geworden dat verdachtes bewezenverklaarde handelen een onmiddellijk gevolg is geweest van een hevige gemoedsbeweging ontstaan doordat het slachtoffer X verdachte in zijn gezicht heeft geslagen met een keukendeur, omdat verdachte na die klap, waardoor de keukendeur was dichtgeslagen en verdachte en X zich in verschillende ruimtes bevonden, is weggerend om een geladen wapen uit een kelderkast te pakken en vervolgens is teruggerend naar de keuken, de bijkeuken is binnengegaan en vervolgens X heeft neergeschoten.
Advocaten
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
