ECLI:NL:HR:2004:AP4229
Hoge Raad · 02-11-2004 · zaaknummer 02791/03
Inhoudsindicatie
De wetgever heeft willen voorkomen dat tussen art. 344 Sr, welke bepaling zich richt tot de schuldeiser, en art. 47 Fw een discrepantie zou (voort)bestaan. De term “ten gevolge van overleg met de schuldenaar” in art. 344 Sr brengt tot uitdrukking dat moet komen vast te staan dat dat overleg die verkorting – door begunstiging van de verdachte (schuldeiser) – tot doel had en bij dat overleg dus de bedoeling tot die verkorting zowel bij de schuldeiser als bij de schuldenaar heeft voorgezeten.
Advocaten
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
