ECLI:NL:HR:2004:AP0186
Hoge Raad · 17-08-2004 · zaaknummer 02635/03
StrafrechtGepubliceerd 04-04-2013
Deel LinkedIn
Inhoudsindicatie
's Hofs oordeel dat verdachtes beroep op art. 163.3 WVW 1994 erop afstuit dat hij heeft nagelaten tegenover de verbalisanten op een niet voor misverstand vatbare wijze een beroep te doen op de in die bepaling bedoelde bijzondere medische redenen die het verlenen van meewerking aan een ademonderzoek onwenselijk doen zijn, is onjuist noch onbegrijpelijk.
Advocaten
- G.P. Hamer
- W.J. Ausma
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
