ECLI:NL:HR:1992:6
Hoge Raad · 24-03-1992 · zaaknummer 91.507
Inhoudsindicatie
Medeplichtigheid diefstal d.m.v. braak, art. 311.1.5 jo. 48.1 Sr. Ontvankelijkheid hoger beroep, art. 408.1.b Sv. Hof heeft verdachte n-o verklaard in zijn h.b. op de grond dat beroep te laat is ingesteld, nu binnen beroepstermijn door verdachte verzonden brief pas na verstrijken van die termijn op parket OvJ en vervolgens op griffie Rb is ontvangen. Beroep op verontschuldigbare termijnoverschrijding. Komt vertraging in postbezorging voor rekening van verdachte? Hof heeft o.g.v. zijn feitelijke en in cassatie onaantastbare vaststelling dat brief eerst na verstrijken van beroepstermijn op parket OvJ is ontvangen, terecht verdachte n-o verklaard in het door hem ingestelde beroep. Dit oordeel behoeft geen nadere motivering. Aan dit oordeel kan mogelijke vertraging in postbezorging niet afdoen omdat zodanige vertraging (behoudens bijzondere omstandigheden waarvan uit gedingstukken niet blijkt) niet kan gelden als niet aan verdachte toe te rekenen omstandigheid. Volgt verwerping.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
