ECLI:NL:HR:1977:AX3097
Hoge Raad · 07-12-1977 · zaaknummer 18.539
Inhoudsindicatie
De vader van belanghebbende overleed in 1969. Erfgenamen waren de weduwe en drie kinderen. In 1973 vindt postuum nabetaling van pensioen van de vader plaats. Te dier zake komt voor 1 juli 1974 ter inspectie een loonbelastingkaart binnen, waarop is vermeld dat de werknemer gehuwd was en voor drie kinderen recht op kinderaftrek had. De kaart wordt opgeborgen in de legger van de weduwe. Aan belanghebbende wordt een primitieve aanslag inkomstenbelasting 1973 opgelegd, waarbij geen rekening wordt gehouden met zijn aandeel in het pensioen; op 9 september 1974 is belanghebbendes aangifte ter inspectie behandeld en de elementennota wordt op 16 september 1974 aan ''Apeldoorn'' gezonden; het kohier is door de Inspecteur ondertekend op 13 november 1973; het aanslagbiljet is gedagtekend 30 november 1974. Ter zake van belanghebbendes aandeel in het pensioen vindt navordering plaats. Betwist wordt of er sprake is van een nieuw feit.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
