ECLI:NL:HR:1971:AB3807
Hoge Raad · 05-03-1971 · zaaknummer 10.473
Inhoudsindicatie
Het Hof had ambtshalve te onderzoeken, of de oorspronkelijke eiseres te dezen optreedt als provisioneel bewindvoerder in de zin van art. 495 (oud) BW dan wel als provisioneel bewindvoerder in de zin van art. 33 der Wet tot regeling van het Staatstoezicht op Krankzinnigen van 27 april I884 (S. 96).
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
- Mr. H.D.O. Blauw
Partijen
[eiser]
eiser · onbekend
[verweerster]
verweerster · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
