ECLI:NL:GHSHE:2026:855
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 31-03-2026 · zaaknummer 200.351.953_01
Inhoudsindicatie
Kort geding. Onrechtmatige publicatie van posts op X, LinkedIn en Instagram. Bij de beantwoording van de vraag of de plaatsing op sociale media van de posts al dan niet in strijd was met de in het maatschappelijk verkeer betamende zorgvuldigheid (onrechtmatig was in de zin van artikel 6:162 BW), dient door middel van een afweging van alle ter zake dienende omstandigheden beoordeeld te worden welke van beide fundamentele, in beginsel gelijkwaardige rechten in dit geval zwaarder weegt: het recht op vrijheid van meningsuiting (artikel 10 EVRM) dan wel het recht op eer en goede naam (artikel 8 EVRM). Afweging van de in HR 12 juni 2020, ECLI:NL:HR:2020:1046, genoemde omstandigheden. Volgt bekrachtiging van het vonnis in eerste aanleg waarbij is bevolen de posts te verwijderen en een rectificatie te plaatsen.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
