ECLI:NL:GHSHE:2026:343
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 12-02-2026 · zaaknummer 20-002870-24
Inhoudsindicatie
Het hof bevestigt het beroepen vonnis waarbij de verdachte ter zake van: - (feit 1:) ‘Medeplegen van opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 2 onder B van de Opiumwet gegeven verbod’; - (feit 2:) ‘Medeplegen van om een feit, bedoeld in het vierde lid van artikel 10 van de Opiumwet, voor te bereiden of te bevorderen, voorwerpen en stoffen voorhanden hebben, waarvan hij weet of ernstige reden heeft om te vermoeden dat zij bestemd zijn tot het plegen van dat feit’, is veroordeeld tot een gevangenisstraf van 36 maanden. Daarnaast legt het hof aan de verdachte de maatregel kostenverhaal ex artikel 13d Opiumwet op voor een bedrag van € 102.901,03 met bepaling dat gijzeling van maximaal 3 jaren kan worden toegepast indien verhaal niet mogelijk blijkt.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
