ECLI:NL:GHSHE:2024:3000
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 24-09-2024 · zaaknummer 200.334.145_01
Inhoudsindicatie
Art. 143 en 144 Rv. Verstek en verzet. Hoger beroep tegen vonnis waarbij eiser in verzet niet ontvankelijk is verklaard wegens termijnoverschrijding. Ingeval van een derdenbeslag wordt een verstekvonnis geacht ten uitvoer te zijn gelegd, indien de uitbetaling aan de beslaglegger heeft plaatsgevonden (144 Rv). Op dat moment begint de verzettermijn te lopen. Op de bankrekening van beslagene stond onvoldoende tegoed om beslag op te kunnen leggen. De bank heeft alleen kosten in rekening gebracht. Het in rekening brengen van die kosten kan niet op één lijn worden gesteld met een uitbetaling onder het beslag, zodat art. 144 toepassing mist. Het hof vernietigt het vonnis waarbij het verzet niet-ontvankelijk is verklaard en verwijst de zaak terug naar de kantonrechter.
Advocaten
- E.H. Schulten
- J.M.H. Schoenmakers
- M.F.J. Martens
- P. Feenstra
- S.M.A.M. Venhuizen
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
[geïntimeerde]
geïntimeerde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
