ECLI:NL:GHSHE:2022:4036
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 19-10-2022 · zaaknummer BKDH-21/01112
Inhoudsindicatie
Artikel 3.126, lid 1, letter a, ten 2o, Wet IB 2001. Artikel 16, lid 1, AWR. De Inspecteur beschikt over een nieuw feit dat navordering rechtvaardigt. Overdracht van maatschapsaandeel aan ander dan de verzekeraar van de lijfrente blijkt niet uit de aangifte. Weigering aftrek lijfrentepremies terecht, omdat niet aannemelijk is dat de lijfrenten zijn bedongen als tegenprestatie voor de overdracht van een onderneming of een gedeelte van een onderneming aan het lichaam waaraan de premies voor de lijfrenten zijn verschuldigd. Beroep op het vertrouwensbeginsel faalt. Vordering op koper van maatschapsaandeel kan niet worden afgewaardeerd in verband met latere schikking, omdat deze vordering tot het privé-vermogen moet worden gerekend. Latere schikking niet een omstandigheid die licht werpt op de waarde van de vordering ten tijde van de verkoop.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
