ECLI:NL:GHSHE:2020:3
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 02-01-2020 · zaaknummer 200.267.782_01
Inhoudsindicatie
Hoger beroep van een faillissement. Aanvraag op naam oorspronkelijke cliënt, die op dat moment al meer dan een jaar overleden was. Van overname door gezamenlijke erfgenamen is geen melding gemaakt in de faillissementsaanvraag door fout incasso/advocatenkantoor. Dekking nietigheid in het inleidend verzoek? Verwijzing naar HR 14-12-2017, ECLI:NL:HR:2007:4765 (Doeland). Uit de correspondentie van vóór aanvraag blijkt van het bestaan van de erfgenamen en het door die erfgenamen opeisen van de vordering. Het hof concludeert dat er per saldo geen sprake is van een spookpartij. Ook is het beroepschrift primair gericht jegens de gezamenlijke erfgenamen. Gefailleerde heeft bovendien ter zitting erkend dat hij reeds op de zitting in eerste aanleg (en ruim daarvoor) wist dat erflater was overleden, maar daar geen melding van heeft gemaakt. Toepassing art. 21 Rv ten nadele van gefailleerde. Extra kosten voor onderzoek curator naar de status van de schuldeiser dienen ten laste van het incasso/advocatenkantoor te komen.
Advocaten
- D.H. Mathijssen
- E.A. Leeman
- K.P. Meegdes
- S.A.H. Creusen
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
[verweerder]
verweerder · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
