ECLI:NL:GHSHE:2019:85
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 15-01-2019 · zaaknummer 200.244.612_01
Inhoudsindicatie
Executiegeschil op de voet van artikel 438 lid 4 Rv (deurwaarderskortgeding). Geding na cassatie en verwijzing. Vervolg op het arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 10 mei 2016, ECLI:NL:GHARL:2016:3611, en het arrest van de Hoge Raad van 22 september 2017, ECLI:NL:HR:2017:2455. Er zijn geen dwangsommen verbeurd want de veroordeling tot afgifte van roerende zaken waaraan de dwangsom was verbonden was niet vatbaar voor gedwongen tenuitvoerlegging omdat ten laste van de executant derdenbeslag was gelegd onder de veroordeelde (op onder meer die roerende zaken).
Advocaten
- I.B.N. Keizer
- K.M. Löwik-Felt
- M. van Ham
- M.J. Blokzijl
- S.M.A.M. Venhuizen
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
[geïntimeerde]
geïntimeerde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
