ECLI:NL:GHSHE:2018:5343
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 21-12-2018 · zaaknummer 20-002492-15
Inhoudsindicatie
Ripdeal Sint Maartensdijk Verdachte heeft zich samen met zijn mededaders schuldig gemaakt aan een inbraak in een woning waarbij een grote hoeveelheid hennepplanten met een aanzienlijke (straat)waarde, dan wel delen daarvan [het zogenaamde rippen], alsmede een personenauto en enkele andere aan het slachtoffer toebehorende goederen zijn weggenomen. Bij het plegen van deze woninginbraak en het weghalen van de in die woning aanwezige hennep zijn verdachte en zijn mededaders kennelijk goed voorbereid en in zeer nauwe onderlinge samenwerking te werk gegaan. Door aldus te handelen hebben verdachte en zijn mededaders zich louter laten leiden door hun eigen financiële belangen en hebben zij de belangen van het slachtoffer ernstig miskend. Voorts geldt dat zowel hennepkwekerijen als het rippen daarvan maatschappelijk als zeer belastend worden ervaren, met name nu dergelijk handelen een stimulerend effect heeft op het criminele circuit. Met het rippen van hennepkwekerijen kunnen namelijk tegen minimale kosten zeer grote geldbedragen worden verdiend, waarbij – vanwege het verboden karakter van hennepteelt – de aangiftebereidheid van het slachtoffer, en daarmede de kans op ontdekking, minimaal is. Dit lucratieve karakter is (mede) de oorzaak dat het overvallen van hennepkwekerijen vaak gepaard gaat met toepassing van (grof) geweld, waarbij vaak (vuur)wapens worden gebruikt. De omstandigheid dat ook in het onder 1 bewezen verklaarde feit geweld van ingrijpende aard is toegepast, door het slachtoffer vast te binden en meerdere malen te slaan, weegt het hof bij het bepalen van de op te leggen straf mee. Het hof heeft uitdrukkelijk geen acht geslagen op de omstandigheid dat het slachtoffer enkele dagen na de overval op gewelddadige wijze om het leven is gekomen, nu niet is komen vast te staan dat de verdachte en zijn mededaders hierbij enige betrokkenheid hebben gehad. Daarnaast heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan een woninginbraak (feit 3) en een poging daartoe (feit 2). Om die woningen binnen te kunnen komen, heeft verdachte schade aan de ramen en/of deuren van die woningen veroorzaakt. Hierdoor heeft hij niet alleen financiële schade voor de bewoners van die woningen aangericht maar hij heeft er tevens voor gezorgd dat er bij die bewoners gevoelens van angst en onveiligheid zijn ontstaan. Een woning is immers bij uitstek de plaats waar mensen zich veilig voelen en ook veilig behoren te voelen. Dat gevoel van veiligheid heeft verdachte door zijn handelen ernstig aangetast. Het hof neemt verdachte dit bijzonder kwalijk, te meer omdat verdachte daarbij louter uit financieel oogpunt heeft gehandeld en dus zijn eigen financiële situatie belangrijker heeft gevonden dan de emotionele schade die heeft aangericht. Tenslotte heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan gewoontewitwassen (feit 8). Witwassen vormt een ernstige bedreiging van de legale economie en tast de integriteit van het financiële en economische verkeer aan. Opbrengsten van misdrijven worden hierdoor bovendien aan het zicht van justitie onttrokken, waardoor witwassen ook het plegen van misdrijven aantrekkelijk kan maken. Het hof acht een gevangenisstraf voor de duur van 4 jaren en 8 maanden voor de voorliggende feiten in beginsel passend. Hoewel het hof in de persoonlijke omstandigheden van verdachte geen aanleiding ziet om tot een ander oordeel te komen, zal het hof desalniettemin een lagere straf opleggen dan hiervoor vermeld, aangezien sprake is van een forse overschrijding van de redelijke termijn. Deze termijnoverschrijding, zowel in eerste aanleg als in hoger beroep, bedraagt (opgeteld) ruim drie jaar, hetgeen een forse schending van artikel 6, eerste lid, van het EVRM oplevert. Alles afwegende zal het hof ter zake van alle bewezen verklaarde feiten thans volstaan met oplegging van een gevangenisstraf voor de duur van 3 jaren en 6 maanden, met aftrek van voorarrest. Het hof stelt de totale duur die de verdachte in voorarrest heeft doorgebracht vast op 311 dagen.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
