ECLI:NL:GHSHE:2017:284
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 30-01-2017 · zaaknummer 20-001490-15
Inhoudsindicatie
Poging tot doodslag. Verdachte heeft in een café met een gebroken glas tegen de hals en het gezicht van aangever geslagen. Een verweer, inhoudende dat een verdachte het hem ten laste gelegde niet opzettelijk heeft begaan door de toestand waarin hij verkeerde na het voorafgaande gebruik van alcohol, kan slechts slagen indien bij de verdachte ten tijde van zijn handelen ieder inzicht in de draagwijdte van zijn gedragingen en de mogelijke gevolgen daarvan zou hebben ontbroken (vgl. HR 14 december 2004, ECLI:NL:HR:2004:AR3226). Naar het oordeel van het hof is daarvan in de onderhavige strafzaak geen sprake. Reikwijdte art. 22b Sr. Een combinatie van hoofdstraffen, te weten een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van één dag en een taakstraf, behoort bij een veroordeling ter zake van een misdrijf dat valt onder de reikwijdte van art. 22b lid 1 Sr nadrukkelijk tot het palet van mogelijke straffen.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
