ECLI:NL:GHSHE:2016:5351
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 24-11-2016 · zaaknummer 200.190.738/01
Inhoudsindicatie
Gezag. Artikel 1:253n BW. Situatie waarin partijen niet langer in staat zijn het gezamenlijk gezag over de minderjarige uit te oefenen op een wijze die de minderjarige in staat stelt zich in alle opzichten op positieve wijze te ontwikkelen en die recht doet aan wat voor haar in dat opzicht van belang is. Het hof acht beide partijen daarvoor verantwoordelijk en laat in het midden wiens aandeel daarin groter of kleiner is geweest. De problemen tussen partijen zijn actueel en structureel en de ouders zijn niet in staat die problemen zelf op te lossen. Onder de hiervoor geschetste omstandigheden is het naar het oordeel van het hof in het zwaarwegende belang van de minderjarige noodzakelijk dat het gezamenlijk gezag wordt beëindigd en beslissingen die voor haar van belang zijn voortaan door één van haar ouders worden genomen. Het hof acht de moeder in staat die beslissingen te nemen, aangezien zij de dagelijkse zorg voor de minderjarige heeft en – anders dan de vader – in contact staat met de betrokken hulpverlening en school.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
- E.H.M. Graafmans
- S.J. Nijssen
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
[verweerster]
verweerster · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
