ECLI:NL:GHSHE:2016:2491
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 21-06-2016 · zaaknummer 200.169.795_01
Inhoudsindicatie
Verzet en verzettermijn. Dat de bij het verstekvonnis uitgesproken veroordeling tot ontruiming wordt geacht ten uitvoer te zijn gelegd en daarmee toen de verzettermijn tegen die ontruimingsveroordeling aanving, brengt niet mee dat ook de bij het verstekvonnis uitgesproken veroordeling tot betaling wordt geacht toen ten uitvoer te zijn gelegd en daarmee toen (ook) de verzettermijn tegen de betalingsveroordeling aanving. Het daartegen binnen de wettelijke verzettermijn van vier weken gedane verzet was tijdig. Ook bij juistheid van het kantonrechtersoordeel dat de wettelijke verzettermijn van vier weken al was geëindigd, had het gedane verzet in het licht van HR 16 januari 2004 NJ 2005/191 in dit geval overigens tijdig moeten worden geoordeeld. De in artikel 6 EVRM geborgde eisen van een eerlijk proces verlangen immers dat de veroordeelde een nadere verzettermijn van 14 dagen werd gegund, te rekenen vanaf de datum van alsnog bekend worden.
Advocaten
- G.M.W. Scaf
- P.W. Tubbergen
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
