ECLI:NL:GHSHE:2016:1787
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 29-03-2016 · zaaknummer 20-001435-15
Inhoudsindicatie
Vrijspraak voor opzettelijke en culpoze brandstichting. Nu de lezing van verdachte op grond van de in het dossier aanwezige bewijsmiddelen niet in afdoende mate wordt weerlegd is bij het hof twijfel blijven bestaan met betrekking tot de vraag of verdachte opzettelijk brand heeft gesticht. Of sprake is van schuld in strafrechtelijke zin, wordt bepaald door de manier waarop die schuld in de tenlastelegging nader is geconcretiseerd en is voorts afhankelijk van het geheel van gedragingen van de verdachte, de aard en de ernst daarvan en de overige omstandigheden van het geval. Uit de ernst van de gevolgen van de gedragingen kan niet reeds worden afgeleid dat sprake is van schuld in vorenbedoelde zin. Het hof benadrukt dat dus niet reeds elke onbedachtzaamheid, onvoorzichtigheid of onoplettendheid tot strafrechtelijke aansprakelijkheid leidt. Daarvan kan pas sprake zijn, indien de 'ondergrens' van de aanmerkelijke onachtzaamheid en/of onvoorzichtigheid door het handelen is overschreden. Naar het oordeel van het hof kan schuld in de zin van art 158 Sr niet bewezen worden, in het licht van het vorenoverwogene omtrent de bewijswaarheid van een culpoos delict. Verdachte zal daarom ook van het subsidiair ten laste gelegde worden vrijgesproken.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verdachte]
verdachte · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
