ECLI:NL:GHSHE:2014:5061
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 06-11-2014 · zaaknummer 13-01102
Inhoudsindicatie
Vermogensetikettering. Belanghebbende drijft met zijn vader in maatschapsverband een onderneming. De bedrijfsruimte maakt onderdeel uit van een groter complex. De vader huurt de bedrijfsruimte en onderverhuurt die aan de maatschap. De eigenaar van het complex verkoopt het complex aan belanghebbende, inclusief de lopende huurover-eenkomsten. Aldus ontstaat de situatie, dat belanghebbende als eigenaar-verhuurder de bedrijfsruimte verhuurt die hij, althans de maatschap, als onderhuurder binnen de on-derneming gebruikt. Belang¬hebbende verkoopt jaren later het complex. De Inspecteur stelt dat de bedrijfsruimte tot het ondernemingsvermogen behoort en dat de aan de be-drijfsruimte toe te rekenen boekwinst belast is. Belanghebbende stelt dat hij gehandeld heeft als particulier belegger. Naar het oordeel van het Hof geldt als rechtsregel, dat de aanwending ter verhuur de relevante aanwending vormt voor de vermogensetikette¬ring: het is door die aanwending dat de belastingplichtige een functie aan zijn vermogens-bestand¬deel geeft. Als de verhuur als particulier plaatsvindt, vormt het verhuurde der-halve verplicht privévermogen. Voorts brengt, naar het oordeel van het Hof, de om-standigheid dat het verhuurde (uiteindelijk) deels in de eigen onderneming wordt ge-bruikt niet mee, dat de rechten en verplichtingen voortvloeiende uit de overeen¬komst van verhuur gedeeltelijk tot het ondernemingsvermogen van de belastingplichtige moe-ten worden gerekend. Het Hof acht aannemelijk dat belang¬hebbende het bedrijfscom-plex uitsluitend ter belegging aankocht en niet (mede) met het oog op de belangen van zijn onderneming. Het is niet relevant dat een deel van het complex als gevolg van de onderhuur in gebruik was bij zijn onderneming. Evenmin bestaan redenen de huur-onderhuurovereenkomst te negeren of te herkwalificeren. Belanghebbende en zijn va-der hebben zakelijk ten opzichte van elkaar gehandeld. Ten slotte acht het Hof niet van belang dat de mogelijkheid tot aankoop van het complex ontstond doordat belangheb-bende als huurder binnen het bedrijfscomplex aanwezig was. De aankoop viel immers buiten de reguliere bedrijfshandelingen van de onderneming, zodat een engere band tussen het later behaalde voordeel en de transactie vereist is, bijvoorbeeld in die zin, dat de gunstige afloop van de transactie als gevolg van de ondernemingsuitoefening kon worden beïnvloed.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[belanghebbende]
belanghebbende · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
