ECLI:NL:GHSHE:2007:BB3464
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 04-09-2007 · zaaknummer C0501728
Inhoudsindicatie
Het hof is van oordeel dat het bij de omzettingsverklaring van art. 6:87 BW niet moet gaan om verplichte formaliteiten, maar dat de ratio van dit artikel erin is gelegen dat de schuldeiser, indien zij wordt geconfronteerd met een schuldenaar die in verzuim is komen te verkeren, met deze verklaring bekend maakt dat hij geen nakoming van de schuldenaar meer verlangt, maar dat de schuldeiser in plaats van nakoming schadevergoeding wenst. Voorts is van belang dat na het ontvangen van de omzettingsverklaring de schuldenaar zijn verzuim niet meer kan zuiveren. De vraag of [geïntimeerde] in verzuim is komen te verkeren, is door de rechtbank niet beantwoord. Het antwoord hierop hangt allereerst af van de inhoud van de gesloten overeenkomst. Indien alle nawerkzaamheden tot de overeenkomst zouden behoren, zoals [appellante] stelt, zou [geïntimeerde] met haar weigering om deze werkzaamheden verder nog te verrichten reeds in verzuim zijn, op de voet van art. 6:83 sub c BW. Behoren deze nawerkzaamheden niet zonder meer tot de overeenkomst, dan leidt de weigering van [geïntimeerde] niet tot verzuim. Wel zou sprake kunnen zijn van verzuim aan de zijde van [geïntimeerde] als zij de nawerkzaamheden als meerwerk zou hebben verricht, zij deze niet goed had verricht, en zij vervolgens door [appellante] daaromtrent deugdelijk ingebreke zou zijn gesteld. Voor de beoordeling van de grief ontbeert de beantwoording van de vraag van het verzuim echter belang, omdat het hof van oordeel is dat - wat daar ook van zij - de door [appellante] bij memorie van antwoord overgelegde correspondentie op geen enkele andere wijze kan worden uitgelegd, dan dat [appellante] geen nakoming door [geïntimeerde] meer wilde, maar vervangende schadevergoeding wenste, zodat [appellante] daarmee aan het vereiste van de omzettingsverklaring heeft voldaan.
Rechters
In deze uitspraak zijn geen namen van rechters gepubliceerd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
[geïntimeerde]
geïntimeerde · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
