ECLI:NL:GHSHE:2006:AX9344
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 17-05-2006 · zaaknummer 03/02320
Inhoudsindicatie
In deze feiten en omstandigheden ligt onmiskenbaar besloten dat belanghebbende in het onderhavige jaar nagenoeg geheel voor en bij A BV werkzaam was op basis van een vast bedrag per uur en gehouden was door A BV gegeven aanwijzingen inzake de te verrichten werkzaamheden op te volgen. Belanghebbende stond derhalve in een aan een dienstbetrekking inherente gezagsverhouding tot A BV. Met betrekking tot de eerste in geschil zijnde vraag, leidt het hof uit het vorenoverwogene af dat de arbeidsrelatie van belanghebbende met A BV dient te worden aangemerkt als een dienstbetrekking en de inkomsten ter zake van de voor A BV verrichte werkzaamheden als loon uit dienstbetrekking moeten worden aangemerkt. Het gelijk is in zoverre aan de Inspecteur. Gelet op het incidentele en beperkte karakter van de ten behoeve van B BV verrichte werkzaamheden, is het hof van oordeel dat de opbrengst van déze werkzaamheden is genoten uit niet in loondienst verrichte werkzaamheden en diensten in de zin van artikel 22, lid 1, aanhef en letter b van de Wet.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
