ECLI:NL:GHSHE:2006:AV2869
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 01-02-2006 · zaaknummer 03/01883
Inhoudsindicatie
Uit vaste jurisprudentie van de Hoge Raad volgt dat de Inspecteur bij het vaststellen van de aanslag op de ingediende aangifte mag afgaan, indien deze een verzorgde indruk maakt en bovendien door een gerenommeerd belastingadvieskantoor is ingediend. Naar het oordeel van het hof doen deze omstandigheden zich in dit geval voor. De stelling van belanghebbende dat hij de waarde van de inleggelden OPG en de van OPG genoten dividenden in zijn aangifte heeft opgenomen, zodat de Inspecteur daarmede bekend had moeten zijn, waarmee hij kennelijk wenst te betogen dat sprake is van een ambtelijk verzuim, verwerpt het hof. De enkele vermelding van dividenden OPG en een waarde van de inleggelden OPG is onvoldoende om aan te nemen dat de Inspecteur nader onderzoek naar dit onderdeel van de aangifte had behoren te doen of dat de Inspecteur bewust een standpunt heeft ingenomen door de aanslag overeenkomstig de aangifte te regelen.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
