ECLI:NL:GHSHE:2006:AV2864
Gerechtshof 's-Hertogenbosch · 01-02-2006 · zaaknummer 02/04695
Inhoudsindicatie
De belanghebbende was in het jaar 2000 directeur en aandeelhouder van A B.V.. Voorts heeft hij meermaals gesteld, dat de vennootschap aan loonheffing heeft betaald wat binnen haar mogelijkheden lag. In dit laatste ligt naar het oordeel van het Hof besloten, dat de belanghebbende ervan op de hoogte was, dan wel had moeten zijn, dat A B.V. niet (geheel) aan haar verplichting tot afdracht van de ingehouden loonheffing voldeed. Op grond van het vorenstaande is het Hof met de Inspecteur van oordeel, dat de belanghebbende wist dat zijn werkgeefster niet aan haar verplichting tot afdracht voldeed, zodat de belanghebbende niet te goeder trouw mocht menen dat de werkgeefster aan haar verplichting tot inhouding zou voldoen. Feiten en omstandigheden, op grond waarvan de belanghebbende ten tijde waarop de inhoudingen moesten plaatsvinden redelijkerwijs mocht menen dat de financiële moeilijkheden van zijn werkgeefster van zo voorbijgaande en weinig ingrijpende aard waren dat binnen korte tijd daarvoor een oplossing beschikbaar zou zijn, zijn door de belanghebbende gesteld noch gebleken.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
